Frank Derie
Frank Derie (1946-2009) studeerde aan de academie Sint-Lucas van zijn geboortestad Gent van 1962 tot 1968.
Mei 1968, flower-power, blue-jeans, pop-art, Carnaby, Woodstock, algemene bevrijding en seksuele revolutie; het zijn allemaal ingrediënten die de naoorlogse generatie stof tot nadenken schenkt. Alles lijkt voortaan mogelijk. Dit leidt tot een artistieke revolutie, waarin zoveel gebeurt, dat men dreigt verloren te lopen in een aanzienlijk aantal kunststromingen. In een poging om de tijd na 1945 in nieuwe vormen uit te drukken, ontstaan naast het bestaande realisme, animisme, nieuwe figuratie en de action paintings, het abstract expressionisme en de Cobra groep.
Maar tussen het voorbije Fauvisme, Surrealisme en Kubisme krijgt het werk van Frank Derie gestalte. Het is in tegenstelling tot de verregaande abstractie van sommige van zijn tijdgenoten, die eveneens evolueren naar gedurfde en felle kleuren gefundeerd op een gestilleerde figuratie, weliswaar geïntegreerd in een abstract decor. Deze combinaties van vrije abstractie met figuratieve herkenningstekens vormen tot op heden de vaste uitgangspunten van Frank Derie. In de geest van de Cobragroep die spontaneïteit en liefde voor de materie en picturale waarden vooropstelt, toont Frank Derie voor het eerst zijn werk in “Kunst-Forum” te Schelderode in 1979, waar zijn werk meteen in confrontatie komt te staan met dat van Karel Appel, Lucebert, Kees Van Bohemen en Alechinsky.
In deze sfeer ziet men ook bij Frank Derie dat zijn werk groeit als in trance, in een verlangen naar existentiële bevrijding van frustraties, in een ploeteren in verf en in mediums, waarbij hij door eigen expressie een soort eigen mythologie creëert. In verschillende stadia worden basissen op doek aangebracht. Het experimenteren met
verschillende mediums op basis van acrylverven enerzijds en olieverven in combinatie met verschillende terpentijnen en olies anderzijds, krijgen doeken voeding voor dieptewerk.
Opalisent kleurgebruik boven de houtskool-figuratie, geven nadien een eigen suggestieve aanblik die op zijn beurt door het glacy-gebruik van transparante olieverven een diepte accentueren.
Terwijl er begin jaren 80 terug een heropleving ontstaat van nieuwe subjectieve figuratie lijkt het werk van Derie voor het eerst aan te slaan bij een groter publiek. Zijn eerste tentoonstelling in het Beukenhof in 1981 kan bestempeld worden als een definitieve doorbraak.
Hij schildert exuberante en kleurige figuren, maar vult de omgeving van
zijn onderwerpen in met ruimtes die getuigen van een onbewuste vrije hand. Deze combinatie van figuratieve expressie en het onwillekeurige maakt van hem een klassieker naar moderne norm, waarin hij als levensgenieter primeert. Sindsdien hebben heel wat kunstenaars deze stijl trachten te benaderen, heel dikwijls met matig succes.
Frank werkt elke dag. Constant tracht hij een dynamiek op te bouwen waarin hij hoofdzakelijk zijn omgeving vast legt in beeld.
Derie behandelt zijn figuratie met een eigen dynamiek. Zijn lyrische manier van fel kleurgebruik in combinatie met een expressief geschilderde figuratie en zijn ongehoorzaamheid tot de optische wetten, waar perspectief en spel van licht en schaduw een eigen ritme krijgen, zijn typerend.
Zo bekomt hij in zijn landschappen niet de kleurvergrijzing die de illusie van afstand schept, bekomen zijn vrouwfiguren geen intieme interieurelementen als achtergrond, maar stevig ingekleurde ruimtes in combinatie met hun typisch gestilleerd profiel.
In zijn stillevens lijken de voorwerpen geëtaleerd in een patchwork van kleurvlakken en zijn marines vertonen dan weer in verschillende blauwtinten degradaties van dieptes, van licht en van duisternis, van nabijheid en vertes.
Kortom, hij construeert flamboyante kleurige composities met een ongemeen boeiende virtuositeit.
Daarvoor doet hij uitsluitend beroep op spiritualiteit met tekenkundige middelen, middelen die het gevoel aanspreken.
Hij toets zich niet klakkeloos aan de realiteit, maar aan de manier waarop hij op een bepaald moment naar de onderwerpen kijkt.
Hij laat de toeschouwer het werk in hun hoofd voltooien met een interpretatie die oneindig lijkt.
De muze
Ieder schilderij is voor hem een avontuur dat passioneel moet beleefd worden, waarin dynamiek een noodzakelijke verbinding schept met de aanschouwer en hem aanzet tot dromen. Gedurende zijn ganse schilderscarrière is de vrouw een telkens terugkerende vriendin gebleken.
Telkenmale dat zij op zijn doeken paradijselijk verschijnt, lijkt zij ons een indruk te geven opgetooid en gewoon mooi te wezen. Je ziet ze dus afgebeeld in de mooiste momenten van haar leven, bij de opsmuk, bij het aperitief, in het beautysalon of tijdens een danssessie. Als een ware levensgenieter lijkt hij met volle teugen deze geneugten te absorberen, om ze alsnog rijkelijker uit te spreiden op doek. Heel dikwijls neemt hij zichzelf waar als voyeur, die van op de achtergrond uitkijkt op deze rijke momenten die de vrouwenwereld kenmerken.
Zijn atelier, de talrijke stillevens uit zijn interieur, de vrouw in haar frivoliteit, de fauna en flora op het erf, het hartstochtelijke leven en de innerlijke emotie die uit elkaar spat tijdens een schildersessie, vertaald hij met wilde penseelslagen in exuberante composities waarin na 25 jaar expressieve vermoeidheid nog altijd zoek is.
Door de jaren heen is het werk van Frank Derie nog intenser geworden wat kleur betreft. Ook het gebruik van goudkleur is opvallend in zijn laatste werken en deze ontwikkeling blijkt zo nog even verder te gaan door het gebruik van structuur door korrels of kwarts in bepaalde van zijn composities.
Men beleeft een intense ervaring aan zijn krachtig palet en zijn boeiende verhouding van picturale elementen in relatie met zijn leefruimte.
Als resultaat van de kwaliteit, dat het werk van Derie typeert, krijgt hij inmiddels meer en meer belangstelling voor zijn werk in het buitenland en is zijn werk meer en meer te zien in tentoonstellingen in Frankrijk, Nederland en Duitsland. Met succes trouwens.



